Leerwijzer syllabus
Voor de cursus Zintuigonderzoek krijg je een syllabus. Hierin staat de vastgestelde leerstof én extra achtergrondinformatie en toelichting. De leerstof wordt uitgelegd en besproken tijdens het theoretische en praktische gedeelte van de cursus en dit is ook de stof waarover je een theorietoets doet.
Inhoud syllabus in twee delen:
Deel 1: Gehoor
1. Het oor: anatomie, fysiologie en pathologie
2. Geluid, audiologie en audiometrie
3. Methoden van gehooronderzoek
4. Werkwijze gehooronderzoek in de JGZ praktijk: voorwaarden en uitvoering
5. Diversen gehoor: audiogrammen, protocol gehooronderzoek in de JGZ
Deel 2: Visus
6. 8. 9. Het oog: anatomie, fysiologie en pathologie
7. Methoden van visusonderzoek
Werkwijze visusonderzoek in de JGZ praktijk: voorwaarden en uitvoering
Diversen: brilrecepten, protocol visusonderzoek in de JGZ
DEEL1: GEHOOR
Hoofdstuk 1: Het oor: anatomie, fysiologie en pathologie.
Er worden voor de anatomie geen Latijnse namen gevraagd. Voor de pathologie soms wel, daar waar ze opgenomen staan onder de Latijnse naam. De nadruk ligt op de bij kinderen voorkomende ziektebeelden. Het is belangrijk dat je kennis hebt van de globale werking van het oor en dat je het onderscheid weet tussen uitwendig oor, middenoor en binnenoor. Ook kun je aangeven waar geleidingsverlies en een perceptief verlies (binnenoordoofheid) is gelokaliseerd.
Hoofdstuk 2: Geluid, audiologie en audiometrie
Van het onderdeel geluid moet je weten wat de volgende begrippen inhouden: bron, medium, geluidssnelheid, voortplanting, frequentie (begrip Hertz) - toonhoogte, intensiteit - luidheid, gevoeligheid van het oor, meetbereik, begrip decibel, hoorspan en ruis. De formules hoef je niet te leren en toe te kunnen passen; deze fungeren als achtergrondinformatie.
Bij de audiologie zijn de begrippen gehoordrempel, pijngrens, oorspan en gehoorveld van belang. Bij de audiometrie de definitie van de gehoordrempel en de opbouw van het audiogram.
Hoofdstuk 3: Methoden van gehooronderzoek
Je moet weten wat een toonaudiometer is en wat het apparaat kan. De begrippen frequentiebereik (Hz) en intensiteit (dB) zijn hierbij belangrijk. Ook moet je weten wat de volgende begrippen betekenen: beengeleiding, maskeren, geleidingsverlies, perceptief en gemengd verlies. Verder moet je weten wat er gemeten wordt bij CZOJ-spraakaudiometrie en de tympanometrie. De overige beschreven methoden zijn ter informatie.
Hoofdstuk 4: Praktijk van het gehooronderzoek in de JGZ
Alles in dit hoofdstuk behoort tot de leerstof.
Hoofdstuk 5: Diversen gehoor: audiogrammen, protocol gehooronderzoek in JGZ
Dit hoofdstuk is achtergrondinformatie en wordt niet getoetst.
DEEL 2: VISUS
Hoofdstuk 6: Het oog: anatomie, fysiologie en pathologie
Paragraaf 1 t/m 4 is toetsstof.
Hoofdstuk 7: Methoden van visusonderzoek
Paragraaf 1 t/m 3 is toetsstof.
Verder de bijlagen 1: a t/m e en overige onderdelen lezen van hoofdstuk 6 & 7.